woensdag 20 juli 2016

IVO VAN HOVE COMMANDEUR IN DE KROONORDE




Koning Filip van België heeft aan de vooravond van de Belgische nationale feestdag theater- en operaregisseur Ivo van Hove benoemd tot Commandeur in de Kroonorde. 



De orde wordt toegekend aan personen voor hun ‘artistieke, letterkundige en wetenschappelijke verdiensten, voor verdiensten in de commerciële of industriële wereld of voor aan het land bewezen diensten’.
Naast Ivo Van Hove ontvangen ook Peter De Caluwe (directeur De Munt / La Monnaie), Frans schrijver Eric-Emmanuel Schmitt, Hubert Van Humbeeck (oud-hoofdredacteur Knack), graaf Charles de Brouchoven de Bergeyck, opperstalmeester Didier de Callatay en Monica Nolet de Brauwere van Steeland de titel.
In het verleden viel de eer reeds te beurt aan o.a. Gustav Leonhardt, Steven Spielberg, Gerard Mortier, Dora van der Groen, Louis Raemaekers en Charles Aznavour.

De successen van Ivo van Hove stapelen zich op. Zowel met de producties van het gezelschap waar hij directeur van is, Toneelgroep Amsterdam, als de producties die hij het voorbije seizoen maakte voor Broadway, A View from the Bridge en The Crucible, beide van Arthur Miller. Ook Lazarus, i.s.m. David Bowie, kende een eclatant succes, net als zijn nieuwste productie, de openingsvoorstelling van Le Festival d’Avignon, op de plaats die enkel voorbehouden is voor de grootmeesters, Le Cour d’honneur du Palais des Papes. Uitgenodigd door de Comédie-Française regisseerde hij Les Damnés. Oorspronkelijk werd dit verhaal verfilmd door Visconti. Van Hove beperkte zich echter tot het script en gaf het een eigen invulling. 



Ivo van Hove is een man die niet stil kan zitten. Momenteel werkt hij aan De dingen die voorbijgaan, een bewerking van de roman uit 1906 van Louis Couperus, Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan. Kort samengevat gaat het over een doodgezwegen passiemoord in Nederlands-Indië die een verwoestende invloed blijft uitoefenen op een familie, met een dramatische afloop. Deze productie, met het Toneelhuis, gaat van start in de Ruhrtriënale en is in oktober in Antwerpen te zien en in december in Amsterdam. Deze voorstelling maakt deel uit van een drieluik rond Couperus. Vorig seizoen ging De stille kracht [1900] van start en hield er niets dan lovende recensies aan over. Het derde luik is voorzien voor het seizoen 1917-1918. Dan gaat De boeken der kleine zielen [1901-1903] voor de bijl.

Ivo Van Hove over De dingen die voorbijgaan:
‘Heeft de familie niet lang genoeg geduurd? Dat is de verzuchting van Lot in De dingen die voorbijgaan. Op het einde, doodziek geworden van een niet geleefd leven, komt hij tot een onthutsende conclusie: "Er komt een andere tijd. Een ander geslacht. Er komt een tijd dat mensen elkaar verlaten, verdriet doen, en toch vinden dat het niet anders kan zijn, dat het goed is, omdat het is wat moet gebeuren."
In het Den Haag van Louis Couperus is het onmogelijk je echte verlangens te volgen, onmogelijk jezelf te zijn. Het is een wereld van dwalende mannen en vrouwen in een samenleving als een gevangenis. Een groot koor. Een zwanenzang. Couperus schudt ons wakker. Deze wereld moet op de schop!’

De producties van Ivo van Hove onderscheiden zich, naast een fabuleuze enscenering en een prachtige scenografie door Jan Versweyveld, door een sterk sociaal engagement. Ze mogen zich dan in een verleden hebben afgespeeld, ze blijven verrassend actueel.
Dat element zal ongetwijfeld meegespeeld hebben bij de benoeming tot Commandeur in de Kroonorde.


guido lauwaert 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten