Posts tonen met het label Ruhrtriennale. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ruhrtriennale. Alle posts tonen

maandag 12 september 2016

DE VOD ALS MENS



Figurant nicht schlafen 


Het begint met koeienbellen. Je waant je in de Zwitserse Alpen, waar het leven vredig is, als we de reclamespot van Milkana mogen geloven. In elke leugen echter zit een schakel, die de leugen ontmaskert. Hij is het beeld van drie dode paarden, klaar om naar de slachtbank gevoerd te worden. Die er even later aankomt. Na elkaar afgetast te hebben scheuren de dansers de kleren - het beschaafde vel - van elkaars lijf. Meteen is duidelijk: agressie zit in de genen van de mens. 

Foto Mirjam Devriendt 
Foto Chris Van der Burcht 



Ziehier het gevoel dat Alain Platel en Berlinde De Bruyckere in nicht schlafen gestoken hebben, en waar het publiek het honderd minuten moet mee doen. Wie dacht dat de muziek van Gustav Mahler [1860-1911] een pleister op de wonde is, komt bedrogen uit. Door de voorstelling wordt duidelijk dat de grootste laatste romanticus het leven nog valer zag dan Platel en De Bruyckere samen. Naast een flinke portie eigen ellende, kreeg hij er die van een versleten cultuur ook nog bij. Hij zag hoe de bourgeoisie van het maatschappelijk trio – politiek, economie en financiën – een uitbuiter was, waar de kleine burgerman het grootste slachtoffer van is, en dat zijn ellende maar zou toenemen. Wat ook gebeurde. Drie jaar na zijn dood, in augustus 1914, begon een slachtpartij die de geschiedenis in zou gaan als Wereldoorlog I. 

We lezen boeken over de eerste massamoord van de twintigste eeuw, kijken naar documentaires die deze periode met zwart bloed bevestigd weten door wat ons in de middenschool is ingepeperd. Zo gedetailleerd dat we er, volwassen geworden, ongevoelig voor zijn geworden. Ja, dat gebeurde, volgende bladzijde alstublieft. De voorstelling drukt de toeschouwer echter zo sterk op de feiten, dat hij inziet hoe die bladzijde van toen de bladzijde van vandaag is. Hij verlaat, als hij tenminste een aardige portie verstand en gevoel heeft, de zaal met een verzwaard gemoed. Dat ‘verzwaard’ wordt benadrukt door een minutenlange, staande ovatie. Het wachten is enkel op Doomsday, in vroeger tijden Apocalyps geheten. Waarin by the way geen drie maar vier [sprekende] paarden optreden en die om beurt de ondergang schetsen: Paard 1: Valse vrede; Paard 2: Bloed op het slagveld; Paard 3: Zwarte dorre velden; Paard 4: Bleekheid van de huid als bij lijken, verval. 

nicht schlafen wil een waarschuwing zijn. Mensen, we staan aan de rand van afgrond. De dansers zijn gezien door het verhaal van Alain Platel en de beeldvorming van Berlinde de Bruyckere – de achter- en zijwand in de vorm van een versleten, vaal doek vol gaten en scheuren, is even belangrijk als de dode paarden – de dansers dus, zijn geen dansers maar kunnen gezien worden als soldaten, maar ook als een eindeloze stoet van vluchtelingen die elkaar vertrappen en verscheuren. Bij momenten is er een rustpauze, te vergelijken met het bestand op Kerstavond van 1914 tijdens de Eerste Wereldoorlog, door de soldaten over zowat het gehele front zelf georganiseerd, en dat een paar dagen duurde. De legerleidingen waren fel gekant tegen deze Pax Noël. Maar ja, als je reebok zit te eten met krokketten, veenbessen en rode wijn in kastelen, is het moeilijk het slijk in de hersens te zien van de frontsoldaat. 

Verbroedering op Kerstdag 1914 van Duitse en Engelse soldaten Vlaamse front WO I


Na een week van rust was het weer nicht schlafen geblazen. Wakker blijven en doden om zelf niet gedood te worden. Een ijdele gedachte want er is altijd iemand anders die zijn dode makker wreekt. In dat licht bekeken heeft de titel van de voorstelling meer dan één betekenis. nicht schlafen geldt voor alle tijden, rassen, religies, generaties. Dat de eerste letter van de titel van de voorstelling in deze beschouwing uit ‘de onderkast’ [grafische term] geplukt werd, is bewust. Alain Platel kiest over de gehele lijn, van de titel tot de voorstelling, voor de underdog.
tauberbach [ook al uit de onderkast gevist] zette de mens neer als ‘De mens als vod’. Zo luidde ook de titel van mijn recensie. De vod als mens gaat een stap verder. Zat er in tauberbach nog hoop, in nicht schlafen rest slechts wanhoop. Er zit altijd een flinke brok moraalfilosofie in een productie van Alain Platel. 

De rustpauze, wat hoger verklaard, zit ook in de voorstelling. Met volksliederen die door de Afrikaanse spelers/dansers worden gezongen. Een tweede rustpauze is het strelen van de dode paarden en een derde het verlaten van de speelvloer om plaats te nemen op de publiekstribune, te kijken naar het slagveld met de dode paarden. Het doet denken aan een compositie van Ludwig van Beethoven uit 1813, Wellington Sieg op. 91. Als de slag gestreden is lopen soldaten rond om gewonde mensen en paarden het genadeschot te geven. Beethoven componeert het zo scherp dat de schoten je naar de keel grijpen. 



tauberbach en nicht schlafen, tot besluit, vormen een tweeluik. Is de muziek van het eerste deel van de hand van J.S. Bach, is dat van het tweede deel van Gustav Mahler. Bach componeert het glorieuze hoogtepunt van de Westerse cultuur. Mahler het roemloos dieptepunt ervan. Wat volgt is de neergang. En toch wordt die periode vaak als een noodzakelijk kwaad gezien door historici. Alain Platel heeft dat soort van wetenschappers met nicht schlafen op de vingers getikt. 

In het programmaboekje staat een gedicht van Friedrich Nietzsche. Helemaal onderaan vindt u het. 

guido lauwaert
gent, 2016-09-12 

nicht schlafen – regie: Alain Platel – decor Berlinde De Bruyckere – muziekregie: Steven Prengels - productie: Les ballets C de la B – coproductie: Ruhrtriennale – www.cdlab.be 

deSingel: woensdag 19 t/m 22 oktober 2016 - www.desingel.be 

O Mensch! Gib acht!
Was spricht die tiefe Mitternacht?
“Ich schlief -,
Aus tiefem Traum bin ich erwacht: -
Die Welt ist tief,
Und tiefer als der Tag gedacht.
Tief ist ihr Weh -,
Lust – tiefer noch als Herzeleid:
Weh spricht: Vergeh!
Doch alle Lust will Ewigkeit -,
- will tiefe, tiefe Ewigkeit!”

Friedrich Nietzsche 







zondag 4 september 2016

MACHTIG! PRACHTIG! KRACHTIG!




In L’Étranger uit 1942, de meest gave roman van Albert Camus [1913-1960], beschouwt de hoofdpersoon de moord die hij heeft begaan als een natuurlijk gebeuren en niet als een misdaad. Kamel Daoud [1970] heeft voor het andere doel gekozen. Zijn roman, Moussa of de dood van een Arabier, wordt erkend als een meesterwerk, in hoge mate door de Prix Goncourt du Premier Roman 2015. 

Zo introvert als de verteller van Camus’ versie is, zo extrovert is die van Kamel Daoud. Hij geeft in tegenstelling tot Camus het slachtoffer, de vreemdeling, wel een naam, Moussa. Beiden, Meursault, de moordenaar bij Camus en Haroen, de broer van Moussa, vertellen hun versie van het verhaal, elk vanuit het eigen standpunt: de Frans-Algerijnse [Camus] en de Algerijns-Franse [Daoud], waarmee het vluchtelingenprobleem in zijn prille bestaan aan bod komt. 

Sfeerbeeld - foto Jules August 

Dat prille is met de jaren gigantisch geworden. Johan Simons zag na het lezen van de roman de mogelijkheid om het prille en het gigantische te verweven, waardoor een derde versie ontstond, Die Fremden. Het weefsel werd, with a big help of his friends Vasco Boenisch en Tobias Staab geen klassiek toneelspel, maar verteltheater waar beeld, actie en muziek werd aan toegevoegd. De vertelling gebeurt door vijf acteurs, twee vrouwen en drie mannen. Naast vertellers worden ze tevens personages van vlees en bloed. Het resultaat van dit alles is dat ‘De vreemdeling / Moussa’ staat voor elke vluchteling [Sisyphus]. Hij zoekt in de Oude Wereld [de berg] een Nieuw Leven [de top], maar stuit op de politici [de goden]. Zal Sisyphus zijn rots op de top van de berg krijgen en de goden verslaan?
Johan Simons weet hoe het hoort en hoe het heurt. Vanuit het besef dat alle mensen op de een of andere manier met elkaar verbonden zijn, schetst hij met zijn productie een helder beeld van de huidige toestand. De keuze ligt in de aard van het beestje. Simons is in hoge mate een humaan mens en in zijn tweede thuis, het theater, een politiek regisseur. Een probleem is er om opgelost te worden. Het Sisyphusprobleem bekijkt hij als een zaak die wij aankunnen, Wir schaffen das. Het theater is dat overigens aan de reden van zijn bestaan verplicht. Het moet tegelijk de vinger op de wonde leggen en een ziekteverslag maken ten bate van de kans op genezing. 

Beeld, actie en muziek ter verfraaiing, tegen de verveling, tot behoud van de spanning. 
Daarom dat het ‘slagveld’ van Simons’ toneelbeeld, met dank aan Luc Goedertier, een immense vlakte is, een woestijn niet van zand maar van keien. In die wereld zwerven de acteurs rond – lopend, kruipend, dwalend, dansend – en de toonaarden van hun stem roepen hoop, geloof, liefde en wanhoop, ongeloof, haat op. 

Geen acteur [m/v] is het hoofdpersonage, ze zijn het alle vijf, daarom een alfabetische volgorde: Pierre Bokma, Elsie de Brauw, Benny Claessens, Sandra Hüller en Risto Kübar. Dat ze talentvol zijn bewijst dat ze niet, bij wijze van spreken, verdwalen in de voormalige kolenhal. Hoe ver ze ook in de diepte staan, ze blijven nabij, en nabij zijn ze op de voorgrond soms ver weg, zonder het contact met das publikum te verliezen. Een sterk moment, een van de zovele, is het gooien met keien en het opdwarrelend stof. Het slaat zowel op een kinderspel, de verveling als de steniging. 

Proactief is de projectie van beelden zoals we ze kennen van televisieverslagen: vluchtelingen in lange rijen maar geduldig aanschuivend in de hoop geen vreemdeling meer te zijn, te ontsnappen aan de saute du même au même. Twee bescheiden schermen onderstrepen dat gevoel. Het wordt drukkend, op het benauwende af, als ze plaats maken voor een panoramisch scherm, dat vanuit de diepte naderbij komt en de toeschouwer geen kijker in de huiskamer meer is, maar in de werkelijkheid wordt geplaatst. De geraffineerde film[montage] van Aernout Mik roept sterke emoties op, en leidt tot een bevel: Mens… Doe wat! Niet morgen maar nu!! 

Asko/Schönberg-Ensemble o.l.v. Reinbert de Leeuw - foto Jules August 

De muzikale leiding is in handen van Reinbert de Leeuw. Hij dirigeert strak het Asko|Schönberg-Ensemble. Het orkest staat [haast] midden in de vlakte, niet op een podium maar op het grint. De bijdrage van de dirigent en de muzikanten versterkt de wens van de regisseur: de heropwaardering van de verlichtingsgedachte binnen de huidige globalisering. De muziek van Mauricio Kagel en György Ligetti lijkt ervoor gemaakt en de uitvoering, samen met de enscenering, krijgt daardoor het effect van een dramatische opera. Al helemaal door de inbreng van de sopraan Katrien Baerts. Zij staat centraal in de vlakte en zingt Bouchara, une chanson d’amour in een verzonnen taal van Claude Vivier, waarin – voor de zangeres – niet één tel rust voorkomt. De zijderoute, de Islam met als artistieke hoofdstad Bouchara, en de mythologische figuur Marco Polo vormden de inspiratiebron van de compositie. Binnen deze voorstelling staat het lied voor een pleidooi tot behoud van het cultureel erfgoed van het Midden-Oosten. 

De première van de toneelbewerking van de roman, onder de naam Die Fremden, ging door op 2 september tijdens de Ruhrtriënnale, voor de duur van Johan Simons als intendant hernoemd als Ruhrtriiiennale. Vanaf 21 september is de voorstelling te zien bij Simons’ eigen gezelschap, het NTGent, onder de benaming De Vreemden. Locatie: Floralënhal, achter S.M.A.K. in het Citadelpark, Gent, i.s.m. GENT FESTIVAL van Vlaanderen.
Op 26 oktober is er een concertante uitvoering in BOZAR, met behoud van de Duitse titel en de filmprojectie op het panoramisch scherm. 

Die Fremden / De Vreemden is alweer een hoogwaardig locatieproject van Johan Simons. Verdient een reisprogramma waarin zeker Algiers, waar Camus school liep, en Oran, waar Daoud woont, niet mag ontbreken. Het vluchtelingenprobleem raakt met deze productie niet opgelost, maar is wel een uitgesproken getuigenis van betrokkenheid vanuit de theaterwereld. 























De acteurs, eerder genoemd - foto's Jules August 

De Vreemden - productie NTGent en Ruhrtriiiennale - 
copresentatie Gent Festival van Vlaanderen - 
www.ntgent.be - www.gentfestival.be 


guido lauwaert 
gent, 2016-09-04